06 - 4287 4101 ronald@tripplead.nl

Golfjargon : Belangrijke kreten en woorden

Fore:

Flying Object Returning to Earth. Op het moment dat een golfbal wordt geslagen en er een kans is dat de bal spelers/toeschouwers raakt, dan roep je zo hard mogelijk FORE. Iedereen die dat hoort, duikt in elkaar en bescherm het hoofd. De bal is hard en als deze je raakt heb je echt wel hoofdpijn.

Op het terras of clubhuis hoor je ook wel eens FORE. Niemand duikt onder de tafels, maar iedereen houdt wel zijn of haar mond. Het is een teken dat er een mededeling komt en iemand zal de aanwezigen aanspreken. Vaak is dit de voorbespreking voor de start van een wedstrijd of de prijsuitreiking.

De Spelvorm:

In het golfspel zijn veel spelvormen. Hieronder noem ik er een aantal, maar er zal hiervoor een eigen pagina komen.

Stableford ; Wat is het Stableford systeem?

Het stableford systeem is bedacht door Frank Stableford rond 1930. Destijds werd altijd strokeplay gespeeld (elke slag telt) maar Stableford verprutste altijd zijn eindscore door twee of drie slecht gespeelde holes. Op die slecht gespeelde holes moest hij altijd veel slagen noteren, met als gevolg een slechtere eindscore.
Daarnaast was de Brit ook het eindeloze proberen zat als de bal echt niet in de hole wilde verdwijnen. Hij bedacht het stablefort systeem, dat twee voordelen kent ten opzichte van strokeplay:

Een slechte score op een hole weegt minder zwaar in de einduitslag.
Een stableford wedstrijd neemt minder tijd in beslag aangezien de bal opgepakt dient te worden wanneer er geen punt meer kan worden behaald.

De regels staan beschreven in regel 32-1b (zie reglementenboek), er is echter een aantal uitzonderingen opgenomen in vergelijking met strokeplay. Het belangrijkste verschil met strokeplay is dat een hole niet hoeft te worden uitgespeeld conform regel 3-2.

Hoe werkt het
Op elke hole is de PAR bepaald, het aantal slagen dat een professionele speler mag gebruiken om de hole uit te spelen. Wanneer de speler een gelijk aantal slagen als de bepaalde score nodig heeft, krijgt hij twee stableford punten. Bij één slag meer als de bepaalde score krijgt de speler één punt. Heeft de speler meer slagen nodig, dan krijgt hij geen punten en dient de bal opgenomen te worden. Er wordt op deze hole dus niet meer verder gespeeld.

Bij het stableford systeem worden punten gegeven aan de hand van het resultaat over de hole ten opzichte van de bepaalde score, deze score is bij een professional gelijk aan de PAR:
Meer dan één slag boven de bepaalde score of geen score 0 punten
Eén slag boven de bepaalde score 1 punt
De bepaalde score 2 punten
Eén slag onder de bepaalde score 3 punten
Twee slagen onder de bepaalde score 4 punten
Drie slagen onder de bepaalde score 5 punten

Strokeplay
De oervorm van golf is strokeplay. Alle slagen die een speler nodig heeft om een ronde golf te spelen, tellen voor de score, inclusief de strafslagen. De speler die aan het einde van de ronde de minste slagen nodig heeft gehad, is de winnaar.

Als mensen met handicapverrekening spelen, kan een speler met een hoge handicap toch winnen van een speler met een lagere. Aan het einde van de ronde wordt namelijk de handicap van de totale score afgetrokken, en worden de netto scores met elkaar vergeleken. Winnaar is de speler met de laagste netto score.

Matchplay
Per hole wordt bepaald wie de hole gewonnen heeft. Als je de hole niet meer kunt winnen, moet je de bal oprapen. In matchplay mogen spelers elkaar de put geven. Het is duidelijk dat dit geen strokeplay is, waar iedere slag telt. De wedstrijd kent een winnaar als de ander niet meer holes kan winnen om de partij naar zich toe te trekken. Is er op de laatste hole een gelijke stand (dormie) dan wordt er verder gespeeld volgens het “sudden death” principe.

Bestbal

Greensome
Dit is een wedstrijd waarbij een team van twee spelers (soms meer) met één bal speelt. Echter alle teamleden slaan op elke hole hun eigen bal af, daarna zijn er een aantal spelvormen om met één van de ballen om-en-om verder te gaan.

Foursome
Twee spelers (soms meer) vormen een team, per team is er maar één bal; er wordt altijd om-en-om geslagen.

Namen voor de score per hole

Albatros:
Als een golfer een hole in drie slagen onder par speelt (-3).

Eagle:
Als een golfer een hole in twee slagen onder par speelt (-2).

Birdie:
Als een golfer een hole in één slag onder par speelt (-1).

Par:

Gelijk aantal slagen als de par van de hole.

Bogey:
Als een golfer een hole in één slag boven par speelt (+1).

Double Bogey:
Als een golfer een hole in twee slagen boven par speelt (+2).

Zomaar wat golfjargon

Baanrecord:
De laagste score die op de baan gehaald is.

Back Nine:

Op een golfbaan met 18 holes is de back nine de holes 10 t/m 18.

Course rating:
Een getal wat aan een baan wordt toegekend om de moeilijkheidsgraad aan te tonen. Voor het bepalen van de moeilijkheidsgraad gaan ze uit van een speler met handicap 0 onder normale omstandigheden.

Divot:
Een stuk gras dat uit de baan wordt geslagen door een speler, beginnende spelers doen dit vaak doordat ze in de grond slaan, professionals daarin tegen doen het om een backspin effect te creëren . De speler is verplicht om het stuk gras zo goed mogelijk terug te leggen.

Front Nine:
Op een golfbaan met 18 holes is de front nine de holes 1 t/m 9

Links:
Een golfbaan die aan de zee ligt en waardoor de wind een belangrijke factor is.

Bal in spel:
Zodra de speler de hole begint met een golfbal dan moet hij deze bal blijven gebruiken tot de hole klaar is tenzij anders aangegeven.

Dormie:
Dit ontstaat als een golfer tijdens matchplay zover achter staat dat hij/zij alle holes moet winnen om gelijk te spelen.

Droppen:
Bij het droppen laat je een golfbal vallen vanaf schouderhoogte om de bal opnieuw in het spel te brengen. Het droppen kan een strafslag (+1) betekenen afhankelijk van de regels en omstandigheden.

Flight:
Groep van golfers (2 tot 4) die samen alle holes afgaan in een wedstrijd.

Halved:
als spelers evenveel slagen hebben gehaald op een hole tijdens matchplay.

Handicart:

Een kleine (elektrische) auto die gebruikt wordt voor het vervoer van spelers en spullen, ook wel bekend als golf buggy.

Kanten:
Golfspelers die samen als een team spelen.

Partner:
In teamverband is je partner jou medespeler.

Partijen:
Teams die tegen elkaar spelen als wedstrijd.

Provisionele bal:
Een golfbal die uit voorzorg geslagen wordt als het onduidelijk is op de eerdere geslagen golfbal nog terug gevonden kan worden.

Scratch speler:

een speler met handicap 0.

Sudden death:
Als er tijdens een regulier spel een gelijkspel is ontzettend staan tussen 2 of meerdere spelers dan moeten deze spelers doorspelen zodat de winnaar bepaald wordt.

The yips:

Als een speler bang is om de bal te missen moeite heeft om de bal in de hole te putten. Een kenmerk van the yip zijn trillende handen.

Deel dit bericht: